Grootvader vertelt
Je stuurt even snel een appje of je gebruikt iets anders op je smartphone om een boodschap te versturen. Grappig is om even een tijdje terug te gaan om te zien hoe het toen werkte: vanaf 1951 en verder. In die tijd waren de mogelijkheden beperkt, maar overzichtelijk. Als je een familielid of kennis iets wilde laten weten, was de makkelijkste manier om even langs te gaan. Vrijwel iedereen woonde redelijk dicht bij elkaar, en als iemand ver weg verhuisde, dan werd het contact vanzelf beperkt. Dan kon je iemand af en toe een brief sturen, handgeschreven en voorzien van een postzegel. Of je stuurde een kaartje. Daarvan had je twee soorten, namelijk een ansichtkaart (een kaart met een foto die je meestal aan iemand stuurde als je op vakantie was) of een briefkaart (een kaart met een voorgedrukte postzegel die je naar hartenlust, en voor iedereen zichtbaar, kon volschrijven. Telefoon was natuurlijk ook een optie, maar die was maar bij zeer weinig mensen beschikbaar. Ook voor schoolwerk was je aangewezen op potlood of pen en papier. En die pen was dan een losse pen die je voortdurend in een inktpot moest dopen om een woord te kunnen schrijven. En als je pech had veroorzaakte je ook nog eens een inktvlek op het papier (iets waar vooral linkshandigen last van hadden, dat weet ik uit ervaring). Op de middelbare school werd het standaard om met een balpen te schrijven. Na de middelbare school voltrok zich een revolutie toen ik een heuse schrijfmachine kon aanschaffen. Het was nog wel een machine op handkracht. De toetsen brachten een hamertje in beweging, net zoals een piano, dat met een letter tegen een inktlint aansloeg en een afdruk op papier maakte. Tijdens mijn studie in Rotterdam hebben we een heuse elektrische schrijfmachine gekocht. Het aanraken van een toets was voldoende om een letter te printen. Wat wel bleef was dat je een tikfout alleen kon verbeteren door er met een strook met wit poeder eerst de fouten te wissen en vervolgens de juiste tekst neer te zetten. Als alternatief was er hetzelfde spul, maar dan in een flesje met een kwastje: tipp- ex. Maar als je iets wilde verplaatsen in de tekst, moest je een toevlucht nemen tot een schaar en plakband. Mijn afstudeerscriptie is nog op die manier tot stand gekomen. voor een groot deel door Marian getikt, en verder geknipt, geplakt en gekopiƫerd. Vooral het aanmaken van >>>>>>>>>>>>>>>
Tekstverwerking
DOCUMENTS DOCUMENTS
Grootvader vertelt
Je stuurt even snel een appje of je gebruikt iets anders op je smartphone om een boodschap te versturen. Grappig is om even een tijdje terug te gaan om te zien hoe het toen werkte: vanaf 1951 en verder. In die tijd waren de mogelijkheden beperkt, maar overzichtelijk. Als je een familielid of kennis iets wilde laten weten, was de makkelijkste manier om even langs te gaan. Vrijwel iedereen woonde redelijk dicht bij elkaar, en als iemand ver weg verhuisde, dan werd het contact vanzelf beperkt. Dan kon je iemand af en toe een brief sturen, handgeschreven en voorzien van een postzegel. Of je stuurde een kaartje. Daarvan had je twee soorten, namelijk een ansichtkaart (een kaart met een foto die je meestal aan iemand stuurde als je op vakantie was) of een briefkaart (een kaart met een voorgedrukte postzegel die je naar hartenlust, en voor iedereen zichtbaar, kon volschrijven. Telefoon was natuurlijk ook een optie, maar die was maar bij zeer weinig mensen beschikbaar. Ook voor schoolwerk was je aangewezen op potlood of pen en papier. En die pen was dan een losse pen die je voortdurend in een inktpot moest dopen om een woord te kunnen schrijven. En als je pech had veroorzaakte je ook nog eens een inktvlek op het papier (iets waar vooral linkshandigen last van hadden, dat weet ik uit ervaring). Op de middelbare school werd het standaard om met een balpen te schrijven. Na de middelbare school voltrok zich een revolutie toen ik een heuse schrijfmachine kon aanschaffen. Het was nog wel een machine op handkracht. De toetsen brachten een hamertje in beweging, net zoals een piano, dat met een letter tegen een inktlint aansloeg en een afdruk op papier maakte. Tijdens mijn studie in Rotterdam hebben we een heuse elektrische schrijfmachine gekocht. Het aanraken van een toets was voldoende om een letter te printen. Wat wel bleef was dat je een tikfout alleen kon verbeteren door er met een strook met wit poeder eerst de fouten te wissen en vervolgens de juiste tekst neer te zetten. Als alternatief was er hetzelfde spul, maar dan in een flesje met een kwastje: tipp-ex. Maar als je iets wilde verplaatsen in de tekst, moest je een toevlucht nemen tot een schaar en plakband. Mijn afstudeerscriptie is nog op die manier tot stand gekomen. voor een groot deel door Marian getikt, en verder geknipt, geplakt en gekopiƫerd. Vooral het aanmaken van >>>>>>>>>>>>>>>
Tekstverwerking
DOCUMENTS DOCUMENTS